Stichting OVR Stichting OVR Statuten
a a a

Statuten OVR

Bij akte van 13 september 2003, verleden voor notaris mr M.P.P.F. Groutars te Maastricht, zijn de Statuten van de Stichting van de Stichting OVR (zoals gewijzigd bij akte van 3 februari 1998 en afgedrukt in 120 jaar Verslagen en Mededelingen. Algemeen Register (Hilversum-2000), p. 57-64) herzien: de tekst is gemoderniseerd en ingekort.

De Statuten luiden nu als volgt:

 

Naam, Zetel en Duur

Artikel 1

1. De stichting is genaamd: STICHTING TOT UITGAAF DER BRONNEN VAN HET OUD-VADERLANDSE RECHT, hierna te noemen: "stichting".

2. Zij is gevestigd te Utrecht en opgericht voor onbepaalde tijd.

 

Doel

Artikel 2

De stichting heeft ten doel:

1. Het voortzetten van de werkzaamheden van de in achttiennegenzeventig opgerichte en te Utrecht bevestige, met het oog op de oprichting van de onderhavige stichting in negentienzesenzeventig ontbonden, vereniging, VEREENIGING TOT UITGAAF DER BRONNEN VAN HET OUD-VADERLANDSCHE RECHT.

2. Zij stelt zicht in dit verband ten doel het uitgeven en (doen) ontsluiten van kenbronnen van het oude Nederlandse recht en het bestuderen van de rechtsgeschiedenis van de Nederlanden.

3. Zij stelt zich mede ten doel het vestigen van een of meer leerstoelen op het gebied van de studie van de bronnen van het oud-Nederlandse recht.

4. De stichting tracht haar doel voorts te verwezenlijken door al wat met het doel in de ruimste zin verband houdt en door alle andere geoorloofde middelen.

 

Vermogen

Artikel 3

Het vermogen van de stichting bestaat uit:

a. de tot kapitaal van de stichting bestemde bezittingen

b. hetgeen de stichting door contributies, erfstelling, legaat, schenking of op enigerlei andere wijze verkrijgt.

 

Bestuur

Artikel 4

1. De stichting wordt bestuurd door een bestuur bestaande uit tenminste negen, ten hoogste vijftien leden. Het bestuur bepaalt met inachtneming van deze grenzen het aantal bestuursleden. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. Voor het geval van ontstentenis of verhindering van de voorzitter kan het bestuur een bestuurdslid tot vice-voorzitter kiezen.

2. Voorzitter, secretaris en penningmeester vormen tezamen met twee andere, daartoe door het bestuur benoemde bestuurdleden het dagelijks bestuur.

3. Indien er een vice-voorzitter is, maakt deze deel uit van het dagelijks bestuur.

 

Artikel 5

Het bestuurslidmaatschap eindigt door bedanken, door overlijden, wanneer het bestuurslid wordt verklaard in staat van faillissement, wanneer hem surséance van betaling wordt verleend, door zijn ondercuratelestelling, door ontslag door de rechtbank, door de benoeming van een opvolger, alsmede door de beëndiging van de vereffening van de stichting na ontbinding.

 

Artikel 6

1. Vacatures in het bestuur waarin met inachtneming van het gestelde in artikel 4 lid 1, eerste twee zinnen, moeten worden voorzien, dienen ten spoedigste door benoeming door het bestuur te worden vervuld.

2. Telkens wanneer het met inachtneming van het in artikel 4 lid 1 gestelde voorgeschreven bestuur ontbreekt, en daarin niet overeenkomstig de statuten wordt voorzien, kan de Rechtbank op verzoek van iedere belanghebbende in de vervulling van de vacature(s) voorzien.

3. Het bestaan van vacatures maakt het bestuur niet tot het nemen van besluiten onbevoegd.

 

Vertegenwoordiging

Artikel 7

1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting in en buiten rechte. De stichting kan eveneens in en buiten rechte vertegenwoordigd worden door de secretaris en, ingeval van diens ontstentenis of verhindering door een ander lid van het dagelijks bestuur.

2. De penningmeester is overminderd het vorenbepaalde zelfstandig bevoegd tot het innen van contributies en verdere gelden, en het verlenen van kwijting daarvoor, alsmede tot het doen van betalingen.

 

Bestuursvergaderingen en besluiten

Artikel 8

1. Het bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of, bij diens ontstentenis of verhindering, de vice-voorzitter, ofwel tenminste twee leden van het bestuur dit gewenst achten.

2. De secretaris convoceert de vergaderingen met inachtneming van een termijn van veertien dagen, de dag van oproeping en die van de vergadering niet meegerekend. Bij zijn ontbreken vindt vervanging plaats op de voet van artikel 7.

 

Artikel 9

1. De leden van het bestuur zijn bevoegd zich door een medelid bij schriftelijke volmacht ter vergadering te doen vertegenwoordigen. Een bestuurslid kan niet meer dan twee volmachten waarnemen.

2. Besluiten worden, behoudens in de gevallen dat de statuten anders bepalen, genomen met volstrekte meerderheid van uitgebrachte stemmen. Blanco stemmen en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht.

3. De stemmingen geschieden monderlinh, en, indien bij stemming over benoeming van personen bestuursleden verklaren dit te verlangen, bij gesloten ongetekende briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk indien geen der aanwezige leden van het bestuur zich daartegen verzet.

4. Mocht bij benoeming van personen bij eerste stemming geen meerderheid worden verkregen, dan zal een nieuwe stemming plaats hebben. Indien ook dan geen meerderheid verkregen wordt, zal bij een tussenstemming worden beslist tussen welke twee personen zal worden herstemd. Staken bij een tussenstemming of herstemming de stemmen, dan beslist het lot.

5. Indien een voorstel niet een benoeming betreft wordt het bij staking van stemmen als verworpen beschouwd.

 

Artikel 10

Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, al dan niet per enig telecommunicatiemiddel, hun mening te uiten.

an een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt dat, na medeondertekening door de voorzitter, bij de notulen wordt gevoegd.

 

 
Grasgroen Media